Voor De Groene Amsterdammer van woensdag 12 augustus 2026 schreef Arnon Grunberg een uitgebreid stuk over de man voor wie de ondergang als een amour fou was en het geluk datgene 'wat de gelukkige uit de keten van noodlottigheden en uit het net van zijn eigen lot bevrijdt': Walter Benjamin (1892 – 1940).
In het stuk gaat Arnon onder meer in op een uitspraak van Hannah Arendt, die beweert dat Benjamin op zijn eigen tegenslagen afstevende alsof hij gepredestineerd was, de relatie tussen Benjamin en de destructie - zowel in zijn werk als in zijn leven -, de (vermeende) onlichamelijkheid van Benjamin en zijn essays Over het begrip van de geschiedenis (Über den Begriff der Geschichte) en Het destructieve karakter (Der destruktive Charakter). Ook de teksten van Benjamins Duits-Joodse vriend en bewonderaar Gershom Scholem (1897-1982) spelen een belangrijke rol in Arnons essay.
De tekst is hier online te lezen.
For De Groene Amsterdammer of Wednesday, August 12, 2026, Arnon Grunberg wrote an extensive piece about the man for whom destruction was an amour fou and happiness 'that frees the happy person from the chain of misfortunes and from the web of his own fate': Walter Benjamin (1892 – 1940).
In the piece, Arnon discusses, among other things, a statement by Hannah Arendt, who wrote that Benjamin seemed to be heading toward his own misfortunes as if he were predestined to do so; the relationship between Benjamin and destruction (both in his work and in his life); the (alleged) disembodiment of Benjamin, and his essays On the Concept of History (Über den Begriff der Geschichte) and The Destructive Character (Der destruktive Charakter). The writings of Benjamin's German-Jewish friend and admirer, Gershom Scholem (1897–1982), also play an important role in the essay.
The text can be read online here.
